Don't shoot the piano player, he's doing the best he can
Woensdag 26 januari 2011
"Don't shoot the piano player, he's doing the best he can" is een uitdrukking uit het Wilde Westen van Amerika. Oscar Wilde zag deze uitdrukking tijdens zijn tour in 1883 hangen in een saloon in Leadville, Colorado.
Vergelijkbaar zijn de uitdrukkingen "No one loves the messenger who brings bad news" van Sophokles (Kolonos, 496 v.Chr. - Athene, 406 v.Chr.) en "Don't shoot the messenger" van Shakespeare (in Henry IV en Antony & Cleopatra).
Nog even terugkomend op het spelen van de piano. Ik kan niet echt piano spelen, behalve liedjes zoals "Boer, wat zeg je van mijn kippen. Boer, wat zeg je van mijn haan?". Mijn muziekcarriere begon toen ik een jaar of vier was door een eenmalige drumsessie in de kroeg tijdens de Jouster Merke (De Jouster Merke is een jaarmarkt met kermis die sinds 1492 op de vierde donderdag in september gehouden wordt in de Friese plaats Joure. Het recht op een jaarmarkt verkreeg Joure in 1492, als aanvulling op het al in 1466 verworven weekmarktsrecht).
Daarna heeft het vijf jaar stilgelegen, en ben ik op negenjarige leeftijd verder gegaan met mijn muziekcarrière als fluitist. Woensdagmiddag met de blokfluit onder de pakjesdrager van mijn fietsje reed ik naar de streekmuziekschool Haledo, een naam die mij als muziek in oren klonk. Ik kreeg muziekles van Sietse Koopmans, een oude man met een gekke bobbel op zijn hoofd, die ons tijdens de blokfluitles op de piano begeleidde. Het bladmuziek bestond uit slecht gekopiëerd papier met twee nietjes aan de zijkant met muziek, die meneer Koopmans zelf geschreven en bewerkt had. Twee jaar lang heb ik op mijn moeders blokfluit gespeeld, en noten leren lezen. Toen was het tijd om over te stappen naar een ander instrument. De herinneringen van zeven jaar geleden kwamen naar boven. Ik wilde drummer worden.
Het toeval was dat mijn nicht Petra was afgestuurd op het conservatorium in Groningen, en was begonnen als drumlerares. Van haar heb ik mijn eerste lessen op het drumstel gekregen. Ik kwam erachter dat ik voor het drummen niet zoveel aan mijn tweejarige opleiding als blokfluitist had gehad. Bij gebrek aan een drumstel deed ik mijn eerste drumoefeningen in de huiskamer door met de drumstokjes op de poef te slaan. Toen bleek dat ik serieus was met het slaan op de poef, hebben mijn ouders een blauwe oefendrumstel voor mij gekocht. Die kwam op zolder te staan en met de buren werd afgesproken dat ik tussen vijf en zeven uur 's avonds mocht op oefenen. Later heb ik van mijn krantengeld een echte mooie witte drumstel met twee bekkens gekocht. Ik was klaar om in een bandje te spelen.
Via via ontmoette ik de gebroeders van Pelt uit Langweer. De oudste broer speelde bas en de wat jongere broer speelde gitaar. Door deze jongens leerde ik als vijftienjarige nieuwe muziek kennen, zoals 'Purple Haze' (Jimi Hendrix), 'Whole Lotta Rosie' (AC/DC), 'Holiday In Cambodia' (Death Kennedys) en 'Hey Ho, Let's Go' (The Ramones). Ik had mijn eerste muziekbandje, een punkbandje nog wel, wie had dat gedacht. Toen mijn punkperdiode voorbij was, kwam ik terecht in een rockbandje, waar we nummers speelde als 'Rock around the Clock' (Bill Haley), 'Smoke on the Water' (Deep Purple) en 'Window of My Eyes' (Cuby and the Blizzards). In 1995 ging ik studeren in Groningen, en kwam ik weer andere muzikanten tegen. Helaas was ik in Groningen genoodzaakt om één keer in de week te oefenen in een oefenruimte. Wegens ruimtegebrek in het studentenhuis, maar vooral ook door geluidsoverlast dat een drumstel kan veroorzaken, is uiteindelijk mijn verdere drumcarriere aan mij voorbij gegaan. Ik was geen drummer meer.
Nee, ik ben geen pianospeler, en ook geen blokfluitist en drummer meer, maar sinds kort heb ik een keyboard in huis. In een oude doos heb ik de boekjes van de streekmuziekschool Haledo weer gevonden en speel ik de geschreven en bewerkte liedjes van Sietse Koopmans weer. Vanavond heb ik het volgende liedje geoefend:
Zo gaat de molen, de molen, de molen.
Zo gaat de molen, de molen.
Zo gaan de wieken, de wieken, de wieken.
Zo gaan de wieken, de wieken.